Te koop, nauwelijks gebruikt

Je ziet wat onderweg. Je ziet van die gekken die toeren uithalen. Ben je dan verbaasd als je een melding krijgt dat er zich een file op jouw traject zit aan te komen? Neen toch? Je denkt: weer een gek. Maar ondertussen sta jij maar mooi in de file.

En dan ben je nog verkeerd bezig ook. Want dan denk je wel dat je dank zij maar weer een gek als gek in die file staat te staan in plaats van te bedenken dat je ook de tegenpartij van die gek had kunnen zijn.

Nog zo een soort: middenvakrijders. Iemand die zich ergert aan middenvakrijders? Anders wij wel. Want dank zij die idioten krijg je andere idioten die je rechts voorbij gaan snellen.

We gaan ons niet ergeren, we gaan er eens mee lachen.

Zondagse uitstap

We komen aan. We parkeren.

Uit de auto naast de onze stappen twee fietsen met begeleiders. De man bekijkt ons, stapt op ons af en vraagt of hij daar wel kan parkeren, aangezien zij daar alleen maar wilden fietsen.

Luc staat de man te woord. Ik laat Luc in de steek.

Ik denk dan: “lap, daar zijn ze weer” want eerlijk gezegd begint het mijnen hoebel uit te hangen dat iedereen maar bij ons komt zagen als waren we alwetend. Als je een betaalparking oprijdt is volgens mij de enige vereiste om er te mogen staan het feit dat je ook betaalt.

We gaan een terraske doen. Het terras zit afgeladen vol. Tot Luc merkt dat er een tafel vrijkomt en hij zicht rept om daar voor ons twee een plaats te houden, want op dat ogenblik bezocht ik de sanitaire gelegenheid.

Er komt een groep mensen aan die vragen of Luc er wat op tegen heeft dat zij bij aanschuiven en aangezien die tafel toch te groot is voor twee zegt Luc dat dat geen probleem is. Ze pakken de menukaart als ware die hun eigendom en bestuderen die, erger als waren het hiërogliefen. Er wordt over en weer gediscussieerd over fish sticks en vol-au-vent en dat blijft maar duren.

Luc staat recht om een andere kaart te halen als de bediening komt vragen wat ze willen bestellen en zij, doodgemoedereerd, zeggen dat ze nog niet klaar zijn met beslissen.

Ik doe nog teken, zeg nog wat maar ga het gewenste niet brullen voor dat hele terras.

We zijn binnen gaan zitten.

We gaan vertrekken. Ik ga de parking betalen terwijl Luc de sanitaire gelegenheid een bezoekje brengt. Ik wacht mijn beurt af, waarop de man vóór mij in de rij mij aanspreekt en vraagt hoe hij van die parking moet geraken. Dat weet ik niet, dat zal ik wel zien als ik in de auto stap en we wegrijden. Nu ja, ik vertel hem dus dat we dat zelf ook nog moeten uitvlooien.

En dan vraagt hij of ik het normaal vind dat die parking 5€ kost. “Een schande” zegt hij. En dat herhaalt hij zeker een keer of zeven wat een schande hij dat vindt. En dan hebben ze nog niets gedaan. Want om binnen te gaan moeten hij en zijn vrouw samen wel 20€ betalen. 20€ om daar zomaar even rond te lopen en dat deden ze niet. Hij heeft enkel die 5€ betaald, schande!

Ik zeg hem dat ik 5€ voor een hele dag nog niet zo erg veel vind, rekening houdend met wat ze elders durven vragen. Hij zegt nogal gepikeerd dat hij daar geen weet van heeft, want hij heeft in Tenerife gewoond.

Ondertussen is het mijn beurt om te betalen, of eigenlijk de zijne, aangezien hij in de wachtrij voor mij stond. Maar neen, hij moet niet meer betalen, hij heeft dat al betaald. Schande! Een echte schande!

Ik steek mijn ticket in de automaat, mijn bankkaart ook, als die kerel naast mij komt staan om te vragen of hij misschien dat ticket ook in die automaat moet steken. Ineens denk ik aan de raad om je niet te laten afleiden aan geldautomaten en bedenk dat dat voor betaalautomaten ook wel zal gelden.

Ik kijk niet op, sla mijn hand over het toetsenbord en zeg nogal ongeïnteresseerd dat ik dat niet weet.

Ben ik nu de enige die vindt dat er toch rare kwieten bij het menselijk ras rondlopen?


Meer foto’s.

Herfst

Lang geleden kon ik de nacht doordoen en dan ’s morgens gewoon de dagelijkse zaken voort zetten.

Nog niet zo lang geleden ging ik om 4u ’s ochtends slapen om om 7u terug op te staan. De collega’s kregen de week erna een inzinking, ik niet.

Kort geleden ben ik twee ochtenden na elkaar om 4u ’s morgens opgestaan om toch maar voor 6u de ring van Brussel over te zijn. Ik heb die slaap niet ingehaald.

Ik heb deze week twee ochtenden om 7u de wekker gezet en ik was stikkapot.

De voorzegger

Een gloeiende hekel heb ik er aan om als eerste binnen te gaan in een lokaal waar mensen zitten. Of ze nu zitten te drinken of zitten te wachten, ze hebben de vervelende gewoonte om een nieuwkomer zo te bekijken dat die zich ongemakkelijk gaat voelen. Ik in ieder geval.

Zo ook vorige donderdag toen Luc op controle ging bij de opererende arts. We liepen richting wachtzaal en die zat deze keer zo goed als vol. En daar gingen ze … staren.

Dan ga ik, om mezelf een te houding geven, iets doen om zeker de aandacht te trekken en meestal het omgekeerde bereik. Ik zei dus luidop voor de hele wachtzaal: “goeie morgen iedereen”.

De meesten hadden ineens meer interesse in hun voeten en hun sjakosj.

De anderen begonnen te murmelen als waren ze hun paternoster aan het bidden.

Hersenoefeningen

Hoe lang het juist geleden is weet ik niet, maar ooit was er het ogenblik dat ik las dat je je geest moet gaande houden, aan het werk zetten als je wou vermijden dat je later dement zou worden.

Ik vulde al zowat overal alle kruiswoordraadsels in die ik tegenkwam, ook bij de tandarts in de weekbladen die daar lagen.

In deze moderne tijden vind je ze gewoon op internet.

Ineens, zo een paar weken terug, kwam Luc op de proppen met de puzzels van het Nieuwsblad. De sudoku was een verademing. Hij was moeilijk(er). Mijn hersens gingen kraken. Maar het kruiswoordraadsel en de Zweedse puzzel, die waren echt geen uitdaging. Dat ging veel en veel te gemakkelijk.

Ik nam het puzzelboekje er nog maar eens bij. Ik had dat een jaar of twee geleden gekocht om lange wachttijden te overbruggen, maar het had me al snel tegen gestoken. Ik begon er weer in en na drie puzzels ging het me weer zo enorm tegen dat ik zei dat het naar de rommelmarkt mocht! Ik wou een nieuw!

Wat scheelt er met dat puzzelboekje? Wel, dat is een Nederlands. En nu mag iedereen zeggen dat de twee Nederlandsen dezelfde taal zijn, dat zijn ze niet helemaal! Dat valt echt extra hard op bij het invullen van die puzzels. Ondanks het feit dat ik voorstander ben van een zo groot mogelijke uitbreiding van onze woordenschat, vind ik toch dat er te veel woorden in terug te vinden zijn die wij niet gebruiken.

Ik ga me dus zo snel mogelijk een Belgisch puzzelboekje aanschaffen. Het moet plezant blijven.

En dan lees ik net dat 21 september de Werelddag Alzheimer en Dementie 2017 is en dat terwijl dit logske al een tweetal dagen in de stijgers stond, maar voorrang diende te geven aan meer actuele zaken.

Wegblijven bij het drummen

Ooit, in een opwelling schreef ik enkele lijntjes die ik vergat tot ik deze week las dat, wie het Incapad naar Machu Picchu wil nemen zich een beetje moet gaan haasten.

En toen dacht ik weer aan die beperking die ik me ooit zelf oplegde en dacht: “Machu Picchu kan daar ook al bij”. Niet dat ik daar plannen toe had, want zelfs dan kan je er langs een andere weg ook nog naartoe. Het gaat me meer om het feit dat ik plaatsen mijd waar het te druk is, waar ik moet aanschuiven. Er zijn er zo nog wel meer: Stonehenge hoort erbij, de Sixtijnse kapel ook.

Als ik dat lijstje bekijk komt het Rode Plein nog het meeste in aanmerking om wél te bezoeken, want daar kan je -inderdaad- met de auto naartoe. Dat weet ik van een vroegere collega die met een Russische vrouw was gehuwd. Dit voor zover ik het al zou overwegen om het te willen.

Anderzijds vind ik het gezegde van Bart Cannaerts in “Twee tot de zesde macht” van deze week ook wel iets hebben. Die zei: “ik ga niet op reis, ik geloof de foto’s”.

Inderdaad, foto’s van die befaamde locaties zijn massaal te vinden op internet. Ik prefereer het avontuurlijke van het reizen, waarbij je op die plaatsen komt waar je niet moet aanschuiven.

Gedirigeerd en georkestreerd

Als je pas van school komt veranderen ze de spelling, is het niet Christoffel Columbus die Amerika ontdekte, de stelling van Pythagoras is niet van Pythagoras, …

Na al die jaren dat ik het onrechtvaardig vond dat ik blijkbaar als enige de minder goede kwaliteit van tanden erfde van mijn beide ouders -ik heb beiden enkel met een vals gebit gekend- en mijn jarenlange strijd om dat tegen te gaan, waarbij de tandartsen -niet één aangezien we meermaals verhuisden, maar meerdere- me voorhielden dat ik daar in geen geval schuld aan had vermits het een kwestie van zuurtegraad van mijn speeksel was, lees ik nu in de krant dat dat nonsens zijn en dat het wél ligt aan het eten van te veel van dingen die niet goed zijn.

En dat terwijl wij thuis nooit snoep kregen en dat de chocolade die binnenkwam met Klaas en Paas eerlijk verdeeld werd: één stuk werd in vier gedaan. De rest van de ventjes of eieren smolt als sneeuw voor de zon al heeft nooit één van ons vier gevraagd waar dat allemaal naartoe ging. Achteraf wist ik het wel.

In de tijd dat wij een auto op benzine hadden en de diesel zo werd aangeprezen -ergens begin jaren 80 moet dat geweest zijn- vond ik die diesel maar niets, die stonk verschrikkelijk en ik vond dat die auto’s niet dezelfde elan hadden. Maar diesel was goedkoper én zuiniger in verbruik. Zo werd dat toen verkondigd. Ik, die tegen was, moest het afleggen en de diesel werd ingeburgerd. Nu? Gelukkig hebben wij ons een benzine aangeschaft en kunnen -als bijkomend voordeel- nog tot minstens 2024 in Antwerpen rondtoeren. Nu niet dat wij dat gaan doen, maar het kan.

En dan het eten! Ik at niet zo graag vlees. We kregen het ook niet zoveel. Het vlees werd al net zo verdeeld als de chocolade van Klaas en Paas, met mondjesmaat. Maar dat moest dan ook op, met of tegen de goesting. Als beleg bij de boterham kregen wij choco en confituur. Later had ik liever kaas dan vlees. Was ik ergens waar enkel vlees op tafel stond, sneed ik het vet er af en legde dat op de rand van mijn bord. Ik maakte me daar vies aan.

Later ging men mij vertellen dat kaas nu niet precies goed was, zuivel had ik al nooit goed verdragen. Dat was al begonnen toen ik pas geboren was en te veel bijkwam van melk, waar men mij later aanraadde kaas te eten, want dat was goed voor het aanmaken van calcium. Dat ik er ene kan doodsteken met mijn nagels zou misschien die calcium kunnen staven, maar dan zijn er ook nog die tanden … echt kloppen doet het niet.

Nu eet ik één sneetje magere hesp op mijn brood en een stukje vlees dat kleiner is dan de aangegeven hoeveelheid.

Even hout vasthouden want ik wil geen onheil afroepen maar zolang ik me goed voel zoals ik leef en eet zal ik dat dan ook blijven doen.

Er wordt in deze maatschappij wel altijd iemand geviseerd: na de rokers, de SUV’s, de zouteters, de suikereters is het nu de beurt aan diegenen die niet moeten hebben van humus en andere samengestelde voedingsstoffen.

Wil ik nu verdedigen wat ik doe, wat ik eet, hoe ik leef? Helemaal niet. Ik wil alleen al die experten, betweters van allerlei gehalte laten weten dat ze voor mijn part nu wel mogen stoppen met zeveren. Dat ze zich bemoeien met hun eigen bord, met hun eigen auto, hun eigen leven … als ze dat al hebben.

Hoge vlucht

In een tijd die een eeuwigheid achter me ligt, kregen mijn ex en ik een weekendje Venetië van Zoneke en Bollie. Ze hadden dat geboekt via een actie en de vlucht naar en van werd verzorgd door Ryanair, een in die tijd opkomende luchtvaartmaatschappij.

Het vliegtuig kon niet landen op de voorziene luchthaven maar moest uitwijken, waar dan ook allerlei fout liep omdat het vliegtuig niet voorzien was om daar te landen.

Met enige bezorgdheid aangaande de bagage, informeerde mijn ex daar maar even naar en kreeg als antwoord dat hij dat maar daar binnen moest uitzoeken of dacht hij soms dat hij, de steward, die achterna zou brengen.

De grofheid en de toon maakten dat wij besloten dat we nooit meer met Ryanair zouden vliegen. Sedertdien vlogen er veel vliegers door de lucht, werd mijn ex mijn ex en paste ik mijn mening wat aan. Ik zeg nu dat ik besloot dat ik nooit meer zou vliegen.

Ben ik bang? Neen, daar zit het hem niet. Ik zou me mateloos ergeren aan het gevoel als een crimineel behandeld te worden en neem daar nog bij dat ik graag zelf de controle houd. Meer moet daar niet achter gezocht worden.

Als je nu de nieuwe trend bij sommige luchtvaartmaatschappijen ziet: bijbetalen voor bagage, bijbetalen als je naast elkaar wil zitten, bijbetalen voor … Veelal is het Ryanair die met een nieuwe truc op de proppen komt, altijd met de bedoeling mensen geld uit hun zakken te kloppen.

Nu boeken ze wel vluchten, maar vliegen ze niet. Maken we nu de zwanenzang van Ryanair mee?

En leid ons niet in bekoring

Sedert we het nieuws kregen van Lucs galsteen en de mededeling dat hij toch wat op moest passen met wat hij at, hebben we ons echt beperkt tot de dingen die op zijn lijstje stonden.

Dat houdt in dat we al bijna twee maanden geen goedkoper vlees meer kopen, geen worst, geen gehakt, geen spek, geen … Kort gezegd: geen vet vlees.

In Schotland aten we steak, die hebben ze daar toch in alle soorten. De boterham werd belegd met hesp, die hebben ze ook in alle soorten. Jam kan ook, er zijn ook meerdere smaken in.

Dat hebben we thuis verder gezet, al hebben we hier wel al rosbief en varkensgebraad klaargemaakt maar dan zonder saus.

Nu, haast twee maanden later, denk ik al eens dat dat gezond eten ook wel saai eten is. Zelfs een lamskoteletje is uit den boze.

Maar het lijkt wel of ze het erom doen op TV. Precies nu krijgen we volgende reclame voor onze neus.

(Lees verder onder de foto)

Te weten dat ik helemaal niet gek ben op burgers van welke soort dan ook, maar nu zou ik er zo in bijten.

En ook nog om te weten dat we donderdag op controle gaan bij de arts in het ziekenhuis. En als je de straat van de kliniek uitrijdt en op die ring komt … wat ligt daar rechtover, denk je?

De laatste eindjes van de zomer

Het is niet altijd rozengeur en maneschijn op de steenweg van hier naar Tienen.

Ergens in september krijg je te maken met de reusachtige tractoren met aanhanger of zelfs vrachtwagens vol. Die tuffen dan aan een gezapig tempo richting Tienen of ze komen leeg terug.

En dan weet je het: “de bieten rijden weer”.