Hij

Ze liep over de overloop toen ze de gedaante zag; haar schaduw op de muur? De schaduw volgde echter haar bewegingen niet. Ze had pas door dat er iets niet juist was toen ze de gedaante naderde en deze zijn mantel voor zijn gezicht sloeg en zich richting deur neeg.

Toen ze de trap bereikte, voelde ze de dreiging en siste: “ik ben niet bang van jou!” en stapte vastberaden de trap af. Halverwege de trap viel er iets achter haar en rolde verder naar beneden met het geluid van een stuiterende bal. Resoluut draaide ze zich om en zette enkele stappen terug naar boven, maar toen vroeg ze zich af: “heb ik het nu tegen een échte?” Op de trap lag niets.

Toen bedacht ze dat het de avond na Halloween was en het besef dat hij blijkbaar bang was van haar deed haar glimlachen.

Een gedachte over “Hij

Wat denkte daarvan?