En hij kan nog véél meer

Waar hij het soms haalt, die rotstreken van hem, een mens zou er grijs haar van krijgen, als ik dat al niet had.

Wat hij nu weer uitgevreten heeft, het is niet te geloven!

In één van mijn actievere bevliegingen, gooide ik de schoenkast open. Die kast bestaat uit twee klapvakken met daar een schuif boven. Ik gooide die dus open omdat daar heel wat schoenen in staan die ik niet meer draag maar ze niet weg doe omdat er niets aan scheelt of omdat ze ooit zo goed gezeten hebben. Nu dus niet meer. Ik ging eens grondige kuis houden. Die sandalen met de afgesleten masserende zool? Er uit! De schoenen van Zonekes trouw die nu zo nijpen? Er uit! Er uit! Er uit! Er uit! …

Maar wat zag ik daar nu? Mijn linker Birkenstock slipper. Dat was niet verwonderlijk. Maar waar was de rechter? Ik ben dan wel onnozel maar niet gek. Bij het wisselen van de seizoenen ga ik echt niet één schoen van een paar in de kast opbergen.

Ik zocht. Toch maar eerst eens nagaan of ik echt niet gek was, dus even kijken op de plaats waar ik ze vorige zomer liet als ik wat anders aan mijn voeten had. Dat kan logisch niet. Er wordt wel degelijk zo af en toe eens een vod door het huis gehaald. Onder de stoof -die er nog staat- geschoven? Je kan het zo zot niet bedenken of ik ging er kijken.

Ik zeg dan wel dat ik niet gek ben, maar toch ga ik controleren. Net of ik zelf er niet zeker van ben.

Die slipper moest in die kast zitten. Dus kast open, vak opengeklapt. De achterwand van dat vak wordt op dat ogenblik bovenkant en er komt een ruimte vrij achteraan. Ik heb de kast verschoven, wat natuurlijk ook dom was omwille van dat vod zo af en toe. Maar die kast heeft een achterwand.

Aha! Er ging wat dagen. Ik opende het onderste vak. De achterwand van dat vak wordt op dat ogenblik bovenkant en er komt een ruimte vrij achteraan. Ik stak mijn hand in die ruimte, waarbij ik natuurlijk met mijn elleboog de onderste hoek van dat bovenste vak raakte dat -knal- tegen mijn voorgevel knalde.

Dat gebeurde natuurlijk niet in complete stilte waarop Luc kwam kijken wat ik doende was. Ik foeterde op kast, op slipper, op Poesjkin.

Luc stak zijn hand in die ruimte, waarbij hij natuurlijk met zijn elleboog de onderste hoek van dat bovenste vak raakte dat -knal- tegen zijn voorgevel knalde.

Ik hield de bovenkant dicht en hij haalde er triomfantelijk mijn halve slipper uit. Ik wees verbouwereerd naar de ontbrekende zool, waarop Lucs hand opnieuw de gaping indook om met de zool te voorschijn te komen.

Het moge duidelijk zijn, Poesjkin is uit zijn winterslaap ontwaakt en hij is niet goed geluimd. Wordt dit nog vervolgd?

12 gedachten over “
En hij kan nog véél meer

Wat denkte daarvan?