Allemaal zo zat als een kanon

Toen Slow en mske vannacht de afrit van de autosnelweg namen, dat is een relatief lang stijgend ding dat een nogal rare bocht neemt, reed er voor hen ene die praktisch stilstond. “Ja jonge …” begon Slow maar mske zei: “àls hij stopt, dan ga je hem langs rechts voorbij”. Slow keek haar raar aan zodat mske vervolgde: “carjackers doen dat zo, zie je”. Even later vervolgde ze: “al denk ik dat er iets anders aan ’t handje is”. Hij stopte niet.

Hij kwam boven en vertoonde de neiging de gazonboordjes te willen bijsnijden. Hij reed de vierbaansbaan op en ging een paar keer links rijden zodat Slow besloot er achter te blijven.

“Hopelijk gaat hij rechtdoor” dacht hij luidop. Zijn wens ging niet in vervulling, de auto nam de andere vierbaansbaan en Slow bleef er achter. “Stel dat ik hem ingehaald krijg zonder malheuren” zei hij “en het wordt rood, dan rijdt die hier vanachter in”. Het wérd rood en Slow hield zich klaar. Het werd groen, de andere had zijn tijd nodig en de XM gleed hem voorbij.

“Hopelijk is het volgende nu niet rood” wenste Slow. Weer mis. Slow nam uit veiligheidsoverwegingen de linkerkant. Dat zat kanon kwam naast hen staan. mske keek om te zien of die alleen was.

Menslief! Wat was dat? Boosaardig kijkend en verwilderd tot en met. Ernaast een kind of een klein vrouwtje dat van schrik bijna in de autostoel gekropen zat. Eens na het rond punt was hij verdwenen.

mske slaakte een zucht van opluc … of toch bijna, want vanuit de richting van één van de “Linters” nam er ene zijn voorrang van links met een grote zwaai om dan met een slakkengangetje verder … Slow remde uit alle macht. Na 50m sloeg hij rechts af, waarbij hij compleet links ging rijden. Slaakte mske nu een zucht van opluchting? Nog niet, ze ging wachten tot thuis.

Dat was een heel goed idee want eens op hun afslag kwam er na de bocht weer ene die zijn voorrang van links nam en die zich baseerde op de witte middellijn, twee wielen links ervan en twee wielen rechts ervan. Tenminste, dat probeerde hij. Toen weer na een 100-tal m sloeg hij rechts af, waarbij hij links rakelings langs de werkenmarkeringen scheerde … dat denkt mske, hij kan ze even goed geraakt hebben.

Even later vloekte Slow hartgrondig. Dat stuk is een tweebaansbaan, zonder voetpad en zonder straatverlichting met niets dan veld en nog eens veld. En daar, in dat stukske nieveranst liep er ene, donker gekleed.

Eens thuis vroeg mske zich af of werkelijk alles wat je op dat uur op de weg tegenkomt, zat moet zijn. En eindelijk slaakte ze een zucht van opluchting.

Zowat als den dezen.

Een gedachte over “Allemaal zo zat als een kanon

Wat denkte daarvan?