De brief

Sinterklaas komt hier niet meer, maar ik heb toch maar een brief geschreven en in mijn schoen gelegd en die zomaar aan de voordeur gezet.

Ik vroeg een smartphone en ik bepaalde ook welke. Ah ja, ik had me daar vorig weekend een beetje in verdiept en me suf gepiekerd en de oplossing was in de schoen gevallen.

Vanmorgen ben ik vroeg opgestaan, heb ik die brief gepakt, schoen opgeruimd -gelukkig had ik er geen wortel in gestopt- en die brief gelezen.

Sinterklaas liet me weten dat hij dat goed had genoteerd, maar dat ik toch nog een paar daagskes geduld moest oefenen eer de piet van onbestemde kleur die telefoon hier aan de deur zou bezorgen … of wou ik die liever in een afhaalpunt?

Ik koos het afhaalpunt, stel je voor dat zwarte Piet hier voor de deur zou staan, wat moest ik dan? Die doorsturen? Met smartphone en alles.

Nee toch!

Wij hebben een spook

Als naar dagelijkse gewoonte hield ik me in de ochtend bezig met mijn sudoku toen Luc vroeg: “ben je nog bezig met de sudoku?” Dat vroeg hij omdat hij me gewoonlijk rustig laat sudokuën en zichzelf onderwijl in stilte bezig houdt. Maar, laat me nu toch net op dat ogenblik de laatste 7 van de puzzel invullen.

Ik stond dus recht, want als hij zoiets vraagt heeft hij meestal wel een interessant ietsje dat hij me op de pc wil laten zien, maar hij stopte me onmiddellijk. “Neen, neen” zei hij “Dat is het niet”.

Ik ging weer zitten en wachtte af.

“Wij hebben een spook” zei hij. Dat weet ik natuurlijk al jaren -en neen, het betreft niet Poesjkin- maar zolang Luc zelf niet persoonlijk met het personage te maken krijgt, zal hij diens bestaan niet erkennen.

Ik wachtte dus verder af. “Die wekker op de badkamer wordt telkens verplaatst” zei hij.

Jawel, op de badkamer staat een wekker en wel in eerste geval omdat we daar dan ook het uur kunnen zien, maar ook omdat hij in kunststof is en de gepaste kleuren heeft voor onze badkamer. Die wekker staat zo opgesteld dat je eigenlijk van overal in de badkamer het uur kan lezen, ook als je jezelf op de troon bevindt.

“Je kan niet geloven” ging hij verder “hoe dikwijls ik die al goed moest zetten”. “Jij zou dat toch niet doen?” vervolgt hij.

Natuurlijk doe ik dat. Ik neem ’s nachts -als ik mij in het donker in de badkamer bevind- die wekker op om in het straatlicht te kijken hoe laat het is. Meestal merk ik dan ’s morgens wel dat hij wat verplaatst is, soms niet. Het alternatief is op mijn gsm kijken, maar dat oplichten zou dan wel Luc kunnen wekken.

Dus, we hebben geen spook, of tenminste, dat hoop ik toch

Superdonker

Supermaan van hier en supermaan van daar.

Tot je met je fototoestel in de aanslag op de palier staat te wachten. Dan is er niets super te zien en al zeker geen maan.

De hoeveelste keer maken ze ons zoiets wijs.

Je zou beginnen denken dat die maan een fabeltje is, maar elders laat ze zich wél zien.

En dacht ik hier dan maar een foto te zetten van de mistige lucht in het donker, heeft een andere dat toch al gedaan zeker!

Op naar de volgende verschijning dan maar.

Gisteren zaterdag genoemd

Na het lezen van het lezen over het ongeluk waarbij een motorrijder het leven liet en ze de oorzaak bij de modder op de weg zochten, vertelde ik dat aan Luc, terwijl ik ons gordijn terzijde hield en zei: “kijk” want ook bij ons lag de modder over de gehele straat.

“Ze moeten nochtans ruimen” zei Luc. Dag na dag hoorden we over gladheid maar de modder lag en bleef liggen.

Tot gisterenmorgen. Iets na achten werd ik gewekt door een aanhoudend geschraap buiten het venster. Met twee waren ze bezig, met twee en elk een schup. En die modder bleek al stevig vast te zitten, getuige hun geschraap. Ze zijn er nog een pozeke zoet mee gebleven. De hele breedte van de straat en over zo een lengte van pakweg 500m.

Misschien wel verder ook, maar dat gingen we niet in het oog houden. We zijn maar gaan ontbijten.

Tegen de traditie in heb ik dan maar de kerstboom gezet. Ik had dat al gepland, de dag voor Nichtje kwam, de dag voor de 1ste december dus. Wat heb ik nu nog met Sinterklaas? Niets toch. Maar donderdag had ik geen zin. Dat is nu het gemak van op pensioen te zijn: niets moet!

De kerstboom staat opgetuigd, voor ons twee. Want het ziet er -voorlopig- niet naar uit dat het hier erg druk gaat worden tijdens de feestperiode.

Vrijdag zag ik de sneeuw op het blog. Ik dacht er al niet meer aan. Ik had het al over die sneeuwplugin maar dat klopte niet. De sneeuw kwam niet meer van die sneeuwplugin. Die had ik inderdaad uitgeschakeld, maar Jetpack heeft er zelf eentje ingebouwd.

Witte sneeuw op een wit blad? Ik zou hem ook kunnen uitschakelen, maar welk nut heeft dàt?

Preistoemp met een kleurtje

Het was een keer, op een avond, aan tafel, dat ik de preistoemp op mijn bord er zo bleek uitzien vond. Ik zei niets.

Want zie je, sedert wij op pensioen zijn, loopt het huis houden hier dan wel een beetje door elkaar, maar blijft Luc voor het eten zorgen en ik voor de administratie als daar zijn: betalingen en vakanties boeken. Al de rest hangt van tijd en ruimte en goesting af.

Maar we geven geen commentaar op elkaar … daar doen we niet aan … meestal toch niet.

Ik zou dus niets gezegd hebben over de bleekheid mijnes stoempes ware het niet dat Luc zelf het probleem ten berde bracht door te zeggen dat hij het bovenste groene gedeelte in de GFT-bak gekiept had.

Dat het de eerste keer was dat hij preistoemp maakte kwam door een oud logske waar hij kennis had genomen van mijn afkeer van prei, maar aan dat logske over neutralisering door het koken van de boosdoener(s) had hij niet meer gedacht. Hij had dan ook grote ogen opgezet toen ik een paar preien uitnodigde om in de boodschappenmand plaats te nemen.

Hij keek dan ook verbaasd toen ik zei dat dat groensel er gemakkelijk bij mocht. Dat er grond tussen die bladeren zaten voerde hij ter zijner verdediging aan. Mja, na een paar spoelingen onder de kraan zou die aarde er ook wel de brui aan geven, maar geen groen? Dat is nogal drastisch.

Deze week brachten we weer eens prei mee. Ik stelde voor dat ik de prei zou snijden, zodoende dat ik niet, op mijn achterste gezeten, patience spelend op de laptop, moest zitten wachten tot de kreet: “Eten!” door het huis schalt.

“Lap” zei hij “ik krijg hier mijne C4!”

(Lees verder onder de foto)


Afbeelding van een recept van Colruyt – ook zonder groen.

Toen ik de preihistorie aan Nichtje vertelde, zei ze dat zij dat groen ook weggooit, terwijl haar mama, mijn schoonzus zijnde, ook had gezegd dat dat er bij mocht.

En omdat het niet altijd patience zou zijn, heb ik tussen de prei en het stoempen even aan de lezers gedacht. Die mogen nu efkes stemmen, al is dat geen verplichting. Het is niet voor de Belgische verkiezingen.

Smeltende sneeuw

“Kijk” zei ik “het is simpel”. Wat was er nu simpel? Luc wou gisterenmorgen -vroeg- naar de bakker want Nichtje en haar zoontje van haast drie maanden oud zouden in de namiddag op bezoek komen. Maar ze gaven wel smeltende sneeuw voor gisterenochtend. En ik vond dat Luc daar niet moest doorrijden op zijn gewone uur.

Die staat ’s ochtends al om half acht bij die bakker! Ik vond dat hij dan even goed even kon bellen en zeggen dat we de bestelling in de loop van de voormiddag wel zouden ophalen.

Toen ik om acht uur opstond was hij al naar de bakker geweest. Er was geen smeltende sneeuw.

Wanneer kwam die dan wél? Toen we naar de Colruyt gingen voor beleg bij dat brood.

Beïnvloed in mijn hoofd

Het is een beetje bizar de laatste weken – maand. Ik heb haast angst om TV te kijken.

Alles wat ik bekijk heeft iets herkenbaars. Meestal betreft het gebeurtenissen, situaties en/of uitspraken van vroeger die erg ingrijpend en/of schokkend waren. Die gaan zich dan onder mijn hersenpan in wacht zetten en komen ’s nachts spoken. Ook gedurende de dag laten ze me niet gerust. Dan gaan ze malen en blijf ik met een onbestemd gevoel achter.

Gisteren bekeken we een film die we al een poos geleden hadden opgenomen. Of ik daarvan droomde zal ik pas straks weten. In elk geval gaf die film mij gelijk aangaande een belangrijke beslissing betrof, beslissing die door alle welmenende en bemoeizieke medemensen verguisd en afgebroken werd. Het was dus wel verrassend enige goedkeuring te krijgen, al was het dan maar in een film.

De vraag of ik nu straks goed uitgeslapen of zwaar getormenteerd door nachtmerries ga opstaan omdat die beslissing al dan niet afgekraakt gaat worden door mijn onderbewustzijn, daar kan ik pas binnen een tweetal uur een antwoord op geven, want nu slaap ik namelijk nog.

Van lange duur

Een beetje overdrijven kan geen kwaad, moet ik gedacht hebben toen ik dit logje schreef. En dan had ik het er vroeger ook al eens over gehad, maar dan zonder overdrijven.

Wat blijkt nu, saaiheid is een kans op slagen, al denk ik dat Mark Manson het paard voor de wagen spant.

Ik denk dan dat het lichtjes anders zit, dat het namelijk zo snor moet zitten tussen een koppel dat je zelfs samen saai kan zijn. Alle dagen uithuizig zijn of gekke dingen doen, zoals vermeld, gaat uiteindelijk ook vervelen.

De overgordijnen

Luc heeft het snel te warm. Luc kan niet goed tegen de zon.

We hebben dan ook een airco voor in de warme zomermaanden.

Als de zomerzon op haar hoogste punt staat en de ruiten aan de zuidzijde koestert, kan de weerkaatsing van die zon in het TV-scherm een probleem zijn als hij of wij naar de Tour de France willen kijken.

Maar nu, nu met de aankomende winter staat die zon niet op haar hoogste punt. Integendeel, ze staat laag, te laag. Want de voormiddagzon kan nu tot bij zijn pc geraken.

En wat doet Luc dan? Hij doet de overgordijnen toe, waarop ik soms verzucht: “wij zijn geen mollen”.

Wanneer zou ik eventueel overwegen om de overgordijnen in de dag dicht te laten?

Op dagen zoals gisteren: grijs, regenachtig en neerslachtig. Daarbij dan nog een kaarsje -waarop Luc dan vraagt: “Hé Vronsky, wat ga je doen?- of een lichtje aansteken om het toch wat gezellig te maken.

Nu was ik me toch niet bewust van het feit dat dit blijkbaar een écht probleem was, ik vond het alleen maar een beetje grappig. Tot ik op zoek ging naar de gepaste afbeelding en merkte dat er meerdere fora over het onderwerp bestonden, handelend over wat elk van de forumleden gepast vindt qua gordijnengebruik. Daar ga ik me dus zeker en vast niet in verdiepen aangezien dat een beslissing betreft waar buitenstaanders zich niet mee te moeien hebben al lijken ze dat wel te denken.

Onze gulden middenweg: op zonnige dagen kan je aan de stand van onze overgordijnen bepalen wààr de zon zit, op grijze dagen kunnen -grote of hooggeplaatste- voorbijgangers zich warmen aan het zicht op de kaarsjes.

Op glad ijs

Eindelijk was het zo ver.

Sport in het echt gaan bekijken deden we wel al meer, maar ijsschaatsen zagen we nog niet.

Toen we dan Mark leerden kennen vond Luc dat een ideale gelegenheid om ook dat eens mee te maken.

Telkens hield Mark ons op de hoogte van wedstrijden in de buurt van de grens maar steeds viel dat samen met de evenementen.

Nu was het eindelijk zover. Evenementenloos, zoals we momenteel zijn, waren wij zaterdagavond in het IJssportcentrum in Eindhoven te vinden.

Goed ingeduffeld, het is een ijspiste voor iets, dacht Luc er maar onderweg aan dat hij zijn handschoenen had vergeten. Ik had ze bewust niet meegenomen. Ik heb zo goed als nooit koude handen en hoe neem je nu foto’s met handschoenen aan?

De kou daarbinnen had ons onmiddellijk in zijn greep, inderdaad ook de handen. Maar na een hapje en een zjat koffie daarboven in de cafetaria voelde het al heel wat minder koud aan in het stadion. We waren in elk geval blij dat er tijdens de pauze ook erwtensoep, die aan de ribben bleef plakken, voorradig was.

Eigenaardig maar waar, toen we er vertrokken, hadden zelfs mijn handen zich al terug aangepast aan de temperatuur en kregen ze het weer warm.

Eens thuis stelde ik huidig log, oorspronkelijk bedoeld voor gisteren, uit tot vandaag. Ik had veel te veel foto’s om die ’s nachts nog te zitten sorteren. Ik ben er dan ook gisteren een aardig stukje dag mee doorgekomen.

Oorspronkelijk had ik zin om ze allemaal de -figuurlijke- vuilbak in te kiepen. Ik vond ze niet goed, ik vond ze niet scherp, ik vond ze tegenvallen. Lag dat nu aan het toestel? Lag het aan de verraderlijke verlichting ter plaatse? Lag het aan mij? Dat kan natuurlijk aangezien ik de toestand niet op voorhand hadden kunnen inschatten, had ik ook niet kunnen opzoeken hoe ik het fototoestel best kon instellen.

“Je moet jezelf zo niet bekritiseren” zei Luc en hij stuurde mij deze url. Als doekje tegen het bloeden kon het wel tellen, maar het veranderde niets aan het feit dat ik mijn foto’s maar flou vond en nog vind. Volgende keer eens eerst opzoeken welke camera-instelling nodig is voor dat soort verlichting.

Volgende keer? Toen ik gisteren te kennen gaf dat het wel een toffe bedoening was geweest, vertelde Luc onmiddellijk dat er een schaatsmarathon is in Breda. Ik vond dat we dat ook eens konden gaan zien. Lucs idee van “eens” verschilt enigszins van het mijne, want hij kwam onmiddellijk met een hele kalender aandraven. Eigenlijk wel een beetje logisch, in de zomer zijn die wedstrijden niet.


Meer foto’s.